In de bres

in de bres, vakbond, whatiff, marijne vos, toekomst

Wij zijn niet van de vakbondgeneratie. Onze ouders stappen misschien direct naar het opperhoofd van de vakbond als ze geen loonsverhoging krijgen, wij halen onze schouders op en doen een rondje introspectie, of we lezen een artikel over over onze generatie waarin alles wat er met ons mis is even wordt verklaard. Het is niet dat we niet geïnteresseerd zijn in collectieve afspraken over arbeidsvoorwaarden en onze toekomst, maar dat we niet het gevoel hebben dat we daarvoor bij de vakbond moeten zijn. Waarom niet?

Een open relatie met werk

We hebben geen vaste baan en daarmee vervalt voor ons eigenlijk alle reden om lid te worden van een vakbond. Wij zijn afgestudeerd in de crisis, inmiddels het beste excuus om geen vaste baan aan te bieden sinds ‘moet jij als vrouw geen gezin beginnen?’. De meesten van ons komen niet meteen aan de bak. Althans, sommige van ons komen met veel geluk terecht bij een traineeship of bedrijf dat investeert in de ontwikkeling van jonge werknemers, maar de meeste van ons hebben geen werk, tijdelijk werk, of een beetje werk, zolang een vriendelijke werk- of opdrachtgever er geld voor over heeft.

Zonder een vast contract hebben we ook niet het gevoel dat het zin heeft om ons te verbinden aan een vakbond. Vroeger gold een vast contract misschien als een huwelijk met je werkgever en dan stelde je dit meteen maar veilig door lid te worden van een vakbond. Wij hebben eerder een open relatie met ons werk, en een huwelijk sluit je natuurlijk niet af over iets waar je niet zeker van bent. Maar, ja, die hypotheek wil je wel. Het betekent dus niet dat we niet graag ergens aan zouden willen bouwen. Wij hebben er alleen geen vertrouwen in dat we zo lang op dezelfde plek willen, of mogen, blijven.

Autonomie

Maar laten we hier zeker niet zielig over gaan doen. Wij willen ook gewoon veel autonomie. Op internet regelen we alles waarvan wij denken dat ons toebehoort, we worden massaal ZZP’er en personaliseren alles wat los en vast zit. Dat is iets wat we zelf willen, die autonomie, en tegelijkertijd ook iets wat ons opgedrongen wordt. We maken weinig kans om ergens zomaar in te rollen, dus we moeten constant bewuste keuzes maken op het gebied van werk en zelf verantwoordelijkheid nemen.

Werk-privé-integratie

Het heeft ook te maken met hoe wij werk zien. We willen ons persoonlijke waarden terugzien. Werk en privé zijn niet gescheiden, maar juist één. We zijn niet op zoek naar balans, maar naar integratie.  Hoe we thuis zijn, zo zijn we ook op ons werk. Dat kan betekenen dat we niet altijd van negen tot vijf willen werken, maar ook dat we onze mening over kolencentrales, banken en hoe je met mensen omgaat niet hoeven te verdraaien. Voor ons is een papierbak op werk net zo belangrijk als persoonlijke ontwikkeling. Daar zijn we niet alleen in. Ook anderen hebben behoefte aan werk wat niet alleen werk is, maar ook je leven. Veel van wat we doen is lifestyle. Het moet mooi zijn en waarde hebben, plezierig en diepzinnig zijn. Dat willen we ook terugzien in ons werk. We willen onszelf kunnen zijn in werk en ons hele zelf meenemen naar werk. We laten niet een deel van onze overtuigingen en emoties thuis en willen al onze creativiteit laten zien.

En doen we dit dan allemaal helemaal in ons eentje? Juist niet. Wij willen ook deel uitmaken van iets groters. Natuurlijk zijn we allemaal verbonden aan verschillende soorten sociale media. Daarnaast hebben we diverse abonnementen, bijvoorbeeld op online services, cultuur en verdiepende journalistieke platforms. En nee niet allemaal online, en hebben we ook een sport, klei-, en vrijwilligersclub waar we wekelijks te vinden zijn. Zolang het onze interesses of belangen dient, willen wij ons eraan verbinden. Solidariteit is bij ons niet ver te zoeken, maar overal. We hebben geen vakbond nodig om ons gevoel van sociale strijd en rechtvaardigheid hoog te houden. Het klinkt misschien cru voor de babyboomers, maar het is voor ons niet zo vanzelfsprekend dat we hun instituten nodig hebben.

Het doel is opheffen

Het doel van een vakbond is om bepaalde belangen te behartigen, niet om een heel instituut op te bouwen dat uiteindelijk alleen nog bestaat bij de gratie van dat het ooit iets heeft betekend voor je vader. Zou het belangrijkste doel van een vakbond niet moeten zijn om zichzelf op te kunnen heffen? Waarom kan voor elk collectief belang geen kleine vakbond worden opgericht, die alles in staat stelt om het belang te behartigen en zichzelf dan opheft. Het gaat immers inhoudelijke doelstellingen van de vakbond en de mensen, niet om de organisatie.

Een vakbond is nodig als je een collectief nodig hebt, als je moet lobby’en. Het moet geen innovatie tegenhouden door ingewikkelde organisatiemodellen waarin je in alle raden, gelederen en besturen moet gaan zitten om een plan te kunnen opperen, maar ondersteunen.

IN DE BRES

Daarom is er nu In de Bres! Want verbinding moet je krijgen, niet afdwingen. Bij In de Bres kan je je belangen crowdfunden. Inhoud staat voorop, niet hoe het gebeurt en wie het doet.

Hoe werkt het?

Als jij ervan overtuigd bent dat er gestreden moet worden voor jouw werkgerelateerde belangen, bijvoorbeeld dat je als freelancer makkelijker een hypotheek krijgt, je opleiding een realistischer beeld geeft van de arbeidsmarkt of kinderopvang beter geregeld wordt, dan ga je naar In de Bres.

  1. Je dient je belang in.
  2. Je zoekt medestanders via het fonds. Via sociale media natuurlijk, maar misschien zijn er ook wel andere organisaties die zich aan jouw belang willen binden.
  3. Je maakt het plan samen concreet. Dit kan misschien lastig zijn, want jij weet ook niet hoeveel tijd en geld er nodig is om een wet voor langer ouderschapsverlof door de Eerste Kamer te krijgen, of wie je moet hebben als je wil dat tijdelijke contracten vaker mogen worden verlengd. Daar gaat In de Bres je bij helpen. Bijvoorbeeld door een escape room. Met je medestanders word je opgesloten, krijg je van ambtenaren een stapel beleidspuzzels, begrotingen en communicatieplannen, alles te zien op de livestream. Terwijl wij de temperatuur opvoeren, de negatieve tweets laten doorsijpelen, en je hard maken voor je belangen, sta jij na 24 uur met een concreet plan buiten. Of we organiseren een Hackaton, of een brainstormslaapfeestje.
  4. Je stelt je tijdslimiet, doel en kosten in. Na de escape room zou dit duidelijk moeten zijn. Is dat het niet, dan is er misschien iets mis je belang.
  5. Nu staat jouw belang op de website.
  6. Je gaat campagne voeren om het door zoveel mogelijk mensen te laten steunen. Met een geldbedrag, met politieke invloed en met ideeën. En vooral met elkaar.
  7. Opheffen. Het is klaar, het is af. Samen met al die mensen heb je gestreden voor jullie doel. Omdat jullie dezelfde belangen hebben, of uit solidariteit. Of het geslaagd is, dat durven we niet te zeggen. Je hebt in ieder geval alles en iedereen erbij gehaald om te strijden voor jouw doel.

IN DE BRES – SOLIDARITEIT IS BIJ ONS NIET VER TE ZOEKEN, MAAR OVERAL

Stiefcollectief schreef deze ‘stief’ in opdracht van whatIFF (Marijne Vos). Ze vroeg ons een alternatief te bedenken voor de vakbond.

Wil je ook een ‘stief’ voor jouw probleem of dilemma? Neem dan contact met ons op en we kijken hoe we jouw gat in de maatschappij kunnen dichten.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Meld je aan voor de nieuwsbrief

* indicates required




×